Kaukasisch getrompetter van een zeldzaam olifantentalent

Verhagens olifant in Stuttgart, februari 1697.

Verhagens olifant in Stuttgart, februari 1697.

Olifanten waren zeldzaam en konden hun baasjes veel geld opleveren in het zeventiende-eeuwse Europa, zo blijkt uit de onlangs beschreven levensloop van de Indische vrouwtjesolifant van herbergier Bartel Verhagen.

In de Gouden Eeuw waren mensen bereid diep in de buidel te tasten om een olifant te zien. De kolossale ‘wonderdieren’ waren immers uiterst zeldzaam en vertoonden dikwijls ook nog bijzondere kunstjes. Eigenaren of begeleiders toonden de beesten vooral op drukke jaarmarkten, maar ook in menagerieën, zoals de voorlopers van dierentuinen heetten.

De Witte Olifant

De Amsterdammer Bartel Verhagen (?-1703) stuurde zijn Indische vrouwtjesolifant decennialang op tournee door heel Europa: van Leipzig en Wenen, Bologna en Lucca tot de Oostzeesteden Danzig (Gdańsk) en Koningsbergen (Kaliningrad) en Londen. Het overzeese dierentransport gebeurde waarschijnlijk met een eigen schip, de Juffrouw Maria – genoemd naar Verhagens oudste dochter (Stadsarchief Amsterdam, Archief 5075, inv. nr. 5258B, bevrachtingscontract 1.8.1689).

Op die Europese reizen werd de olifant begeleid door de dompteur Jan Baptista Jansz. Zelf was Verhagen sinds 1681 eigenaar van een herberg aan de Botermarkt (nu: Rembrandtplein), die de toepasselijke naam De Witte Olifant kreeg. Het is onduidelijk of de olifant ook hier te zien was, zo schrijft Michiel Roscam Abbing in een informatief artikel in het laatste Jaarboek Amstelodamum (2014). Eerder beschreef dezelfde auteur al het levensverhaal van ‘Hansken’, de olifant die Rembrandt schilderde. Hansken kon onder meer schermen met een degen, geld van de grond oprapen met zijn slurf en zwaaien met een vlag. De olifant van Verhagen deed daar niet aan onder. Het beest was bekwaam in verschillende ‘exercitia militaria’: oefeningen soldaten die deden, zoals marcheren met een geweer en dit wapen afvuren.

‘Trompet spelen op Circassische wijze’

De Indische olifant van Verhagen was ook muzikaal. Behalve op een trommel slaan kon ze aardig trompetspelen. Vermoedelijk gebeurde dat met haar slurf, maar volgens een anonieme Russische reiziger blies zij echt op een trompet, hoewel dat ook een vertaalfout kan zijn. Op een markt in Amsterdam – denkelijk tijdens de jaarlijkse kermis in september – zag hij in 1697 een grote olifant, die ‘menuetten speelde, op Turksche en Circassische wijze een trompet blies, met een musket schoot, allerlei kunsten uitvoerde en met een hond speelde, die steeds bij hem was.’ (geciteerd in: Jaarboek Amstelodamum 33 (1936) 161). Met die hond bedoelde de Rus vermoedelijk het onooglijke beestje dat Verhagens vrouwtjesolifant vergezelde op haar Europese reizen: volgens sommige ooggetuigen was het een Afrikaanse ezel of aardvarken, anderen zagen er een soort mandril in.

Reclameprent voor Verhagens olifant, ongedateerd.

Reclameprent voor Verhagens olifant, ongedateerd.

Het trompetspelen door de olifant wordt ook beschreven op reclameprenten. Daarbij gaat het niet om menuetten of Kaukasische speltechnieken, maar om eenvoudig trompetteren met de slurf, zoals we dat uit de dierentuin en natuurfilms kennen. Tijdens de show werd haar gevraagd wat ze van de Duitse keizer vond, of in Engeland van Queen Ann, waarna ze met haar slurf op haar hart wees en respectvol trompetterde. Bij het noemen van de Turken of de Ottomaanse sultan maakte ze een vreselijk geluid en schudde ze met haar hoofd.

Olifant014

Kopergravure van de in Dundee opgezette en tentoongestelde olifant, ca. 1710.

Na het overlijden van eigenaar Bartel Verhagen, in 1703, ging het ook bergafwaarts met zijn bekende olifant. Tijdens een uitputtende tournee door Schotland stortte het beest vlak voor Dundee neer als gevolg van de gelopen dagmarsen. Zijn begeleiders besloten een kuil te graven, waarin ze kon uitrusten, doch deze liep vol met regen en de olifant verdronk in het hemelwater. De plaatselijke arts beschreef en ontleedde het levenloze olifantenlichaam. Het skelet stelde hij op in zijn eigen museumpje en de huid spande hij op een houten frame. Kort voor 1825 is het gehele rariteitenkabinet van de arts in Dundee opgedoekt, waarna de botten van Verhagens olifant zijn verpulverd en als mest uitgestrooid over Schotse akkers. Sic transit gloria mundi, zouden ze in de zeventiende eeuw zeggen.

Michiel Roscam Abbing, ‘”So een wunder heeft men hier nooijt gesien”. De Indische vrouwtjesolifant (1678/80-1706) van Bartel Verhagen, Jaarboek Amstelodamum 106 (2014) 68-95.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Kaukasisch getrompetter van een zeldzaam olifantentalent

  1. Pingback: Merkwaardig (week 19) | www.weyerman.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s